Over De Dood
Wie de dood kent, leeft anders
Dromen over de dood

Dromen over de dood hebben bijna nooit met de werkelijke dood te maken. Het betekent meestal: het loslaten van een situatie, of dat er iets in het innerlijk van de dromer sterft. Dit schrijft Klausbernd Vollmar (Handboek der droomsymbolen - uitgeverij Schors).

Dat deze dromen een positieve betekenis kunnen hebben, kunt u zien in de volgende twee voorbeelden. De eerste droom is van een vrouw van 34 jaar. Het gaat over loslaten. Ze vertelt: ‘Onze zoon van elf jaar is dood en ligt in een doodskist. Ik ben heel verdrietig. Er staan nog wat andere mensen om me heen. Deze troosten mij niet, maar ze zijn eigenlijk wat ongeïnteresseerd.’

Je eigen kind in een doodskist zien liggen in een droom, terwijl hij of zij in het dagelijkse leven springlevend is, beleef je echt wel alsof het werkelijk zo is. Gelukkig heeft zo’n droom niets met de werkelijke dood te maken, maar alles met loslaten. De vrouw is heel verdrietig in de droom. In het dagelijkse leven had haar zoon al eerder aangegeven dat hij wel alleen naar school kon fietsen (ze wonen aan een drukke verkeersweg), maar de droomster vond dit nog steeds moeilijk. Deze droom gaf aan dat de droomster al veel verder is in loslaten dan ze zelf vermoedde. De ongeïnteresseerde mensen, bepaalde delen in haar zelf, geven haar dit aan. Zo van: ‘het komt wel goed. Maak je er maar niet te druk over’.

‘Als er iets in het innerlijk sterft’, betekent: dat er een moment komt, waarop men weer omhoog kan klimmen uit een moeilijke periode. U durft weer vooruit te kijken.

De tweede droom is van een vrouw van 40 jaar. Ze vertelt: Er staan twee kinderdoodskistjes in een hoek van een kamer. Ik wil er niet naar toe. Dan zie ik iemand staan, ik weet niet wie. Deze (ik weet niet of het een man of vrouw was) vraagt: ‘Waarom wil je er niet naar toe?’ Ik zeg: ‘Omdat ze in mijn hart zijn.’

Soms moet je met je rug tegen de muur (of in dit geval een hoek) staan, om het belangrijke van iets in te zien. Soms word je teruggeduwd: begin maar weer opnieuw. Dit kan heel beangstigend zijn. Men kan het idee krijgen voor eeuwig in het donker te moeten blijven. Dat is in deze droom te zien aan het feit dat de droomster er niet naar toe wil. In de droom is nog iemand aanwezig. Is het een vrouw? Dan kan het haar Schaduw zijn. Is het een man? Dan kan deze figuur haar mannelijke kracht voorstellen.

De figuur vraagt: Waarom wil je er niet naar toe?’ Dit kan voor de droomster betekenen: waarom ga je niet verder met groeien?

Ze antwoordt: ‘Omdat ze in mijn hart zijn’. Dit zegt veel over het innerlijke hart. De droomster was er waarschijnlijk nog niet aan toe om een stap naar voren te zetten. Het denken stond haar nog te veel in de weg. Het denken kan gezien worden in het beeld en het getal twee, van de twee kistjes. Het getal twee staat voor dualiteit. Dat wil zeggen dat het mannelijke en het vrouwelijke, wat iedereen in zich heeft, bij elkaar moeten komen om verder te groeien.

Om deze droom te begrijpen, is het goed om te weten wat de Schaduw en de mannelijke en vrouwelijke krachten betekenen.

De schaduw is een woord dat Carl Gustav Jung (Psychiater en Psycholoog 1875-1961) heeft bedacht en opgeschreven. De Schaduw is een deel of zijn delen van uzelf die u niet leuk vindt en liever niet wilt inzien. U wilt bijvoorbeeld niet zien van uzelf dat u soms om niets loopt te schreeuwen of een nare opmerking maakt die niet echt nodig was.

In de droom is zo’n Schaduw dan te zien als iemand van uw eigen leeftijd.    

Een mannelijke kracht is bijvoorbeeld doorzettingsvermogen en doelbewust zijn. Een vrouwelijke kracht is zorgzaamheid.

Als laatste wil ik een droom van mezelf vertellen. Ik was toen 37 jaar en het gaat over de dood.

‘Ik ben in een kamer met meerdere mensen. Er staat een lichtbruine doodskist op de grond. Daarin ligt een dode man. Ik zeg nog tegen de mensen, enigszins paniekerig, dat ik niet alleen wil zijn met die dode. Ze doen een deksel op de kist. Dat is nog niet echt plezierig, maar acceptabel. Een volgend moment zit B. (mijn man in het echt, die ineens de dode is in de droom) rechtop. Ik ben wel een beetje bang, want stel je voor dat je dit echt meemaakt onder de grond. Je kunt geen kant op. Einde droom, ik werd wakker.’

Ondanks teleurstellingen je doel vinden of willen halen is een mooi streven, maar soms wordt het je wel heel moeilijk gemaakt. Er kan een moment komen waarop je denkt: ik houd ermee op, want het heeft toch geen zin. Dit gold ook voor mij toen ik zoekende was om aan mijn aandrang om te schrijven vorm te kunnen geven. Ik was flauw van het wachten op reacties van sollicitaties, waarin schrijven een grote rol speelt. Totdat ik elementen in deze droom zag die mij toch een duwtje in de rug gaven.

Dr. Fiona Zucker en Jonny Zucker (auteurs van het boek Dromen ontcijferd) zeggen over dromen over de dood dat ze vaak wijzen op onbewuste woede of frustratie, of eventueel de wens verder te gaan. Natuurlijk wilde ik verdergaan. Ik moest alleen de gedachte, dat het toch nooit wat met me werd, loslaten. Dat dit beeld al in de droom zit, is te zien aan het feit dat de dode ineens mijn man was. Ik deed zelf veel moeite om door te gaan, zonder hiervoor mijn man de schuld te geven als iets mij niet lukte. Ik deed zelf het deksel op de kist. Daar gaan vervelende gevoelens helaas niet echt mee weg. Je bergt ze hooguit voor een tijdje op. Ik was zelf bang in de droom, angstig dat ze (ikzelf dus) het deksel van de kist er weer af zouden halen. Het zou toch moeten. Om verder te gaan moet je door je angst (de gedachten in de droom die geen kant op kunnen) heen.

Dromen zijn confronterend, soms heel mooi.

Dromen geven het innerlijk proces weer dat ons bezig houdt of kan houden. Het zijn beelden die voor iedereen speciaal op maat zijn gemaakt.

© Jacqueline Voskuil