Over De Dood
Wie de dood kent, leeft anders
Verwerkingsdromen

Mijn schoonmoeder droomde (toen ze nog leefde) dat haar man aan het einde van het tuinpad stond en naar haar toeliep. Ze was zeer verbaasd, want hij was net een paar dagen daarvoor overleden. Ze vroeg: ‘Hoe kan dat nou, je bent toch dood?’ Daarna was ze wakker geworden.

Dit is een voorbeeld van een zogenaamde verwerkingsdroom die men korte tijd na het overlijden van een geliefd persoon kan hebben. Mijn schoonmoeder kon het nog niet geloven dat haar man echt dood was.

Er zijn voorbeelden van nare en soms intens vreselijke dromen.

Voorbeeld 1: Uw overleden dochtertje schreeuwt vanuit haar graf dat ze het koud heeft.

Voorbeeld 2: Mijn overleden moeder wil me niet zien.

Voorbeeld 3: Uw overleden vader staat voor u met afgehakte handen.

De eerste twee voorbeelden zijn echt gedroomd. De derde is verzonnen.

Wanneer een dierbare vanuit zijn of haar graf schreeuwt: ‘Wat doe ik hier’ of ‘Ik heb het koud’ betekent: dat de dromer zich even geen raad meer weet in het leven. Hoe moet ik hier in vredesnaam mee leven?, zou een vraag kunnen zijn voor de dromer. ‘Ik heb het koud’, betekent dat de dromer zelf geen warmte kan vinden of ervaren. Hij of zij ervaart de wereld als koud en kil en vraagt zich af of er ooit nog warmte zal zijn.

Een vrouw (38 jaar) vertelt: ‘Mijn overleden moeder wil me niet zien.’

De uitleg van deze droom snapte de droomster%2